In de stamkroeg ging het over begrafenissen. Iedereen kende het wel. Het gezelschap besloeg de complete lange tafel bij het raam: de documentairemaker, de kunstenares die een jaar niet geweest was maar dat merkte niemand, de beroemde columniste natuurlijk, de uitgever, de schrijver, de kunstrecensente en de kunsthistoricus. Later schoof ook nog een andere filmmaker aan, die geen rondje gaf. Waarschijnlijk had hij te weinig geld.

Uitvaartverhalen. De beroemde columniste vertelde dat wat voor verhaal er ook in toespraakje verteld wordt, als je zo naar de schokkende schouders kijkt van de mensen voor je dan moet je zelf ook huilen. Het ging ook veel over huilen, het gesprek.

Soms zijn er speeches die zo ongebruikelijk zijn dat niemand erdoor geraakt wordt, dan is alles gewoon heel raar en vallen de woorden niet op z’n plek. De schrijver vertelde niet dat hij ooit in een toespraakje bij de uitvaart van zijn oom een anekdote geschrapt had omdat in het kerkje net een nieuwe strenge dominee de parochie had overgenomen.

Plek innemen bij een uitvaart, er zijn mensen die ongegeneerd vooraan gaan zitten, waar eigenlijk de familie van de overledene hoort te zitten. Een kennis van de documentairemaker was overleden omdat ze de reguliere behandeling tegen kanker niet geheel volgens protocol volgde of niet afmaakte, maar overstapte naar een of andere holistische methode ingegeven door een soort goeroe, die vervolgens bij de uitvaart ook nog eens het hoogste woord had. Dat is wel erg veel plaats innemen.

Aan de tafel nam iedereen ongeveer evenveel plaats in. Dat is in een stamkroeg cruciaal. Mensen die dat niet goed begrijpen zullen nooit stamgast worden. Iedereen heeft zijn eigen maniertjes, de een praat erg veel en de ander zegt niks, het is zaak soms toch wel even te luisteren en het gesprek laten ontstaan, dan vindt daarna ieder zijn weg wel.

Helemaal achterin bij de wc was een nieuw kunstwerk geplaatst, op de plek waar eerst de tekenaar zijn viltjes had hangen. Het waren twee cd-hoesjes. Eentje van Aretha Franklin en de ander van Joe Cocker. Ze zaten vastgeschroefd op een wit plaatje. Volgens de schrijver was de kern van het kunstwerk dat het allebei The Best Off -cd’s waren.

De anderen vonden het erg matige kunst. De beroemde columniste ging naar de wc, ook om even een kijkje te nemen, en toen ze terugkwam zei ze: Dat is inderdaad niet geweldig. De schrijver viel ook op dat de ene cd van een man was en de ander van een vrouw, de ene van een zwarte artiest en de andere van een witte. Dat was een verhaal.

Verder dan dat kwam de analyse niet. Het gesprek ging weer over uitvaartmomenten. Wie er een lijstje had met muziek voor op je eigen uitvaart. Niet iedereen had dat, en bovendien, hoe krijgt degene die er uiteindelijk over gaat dat lijstje te zien. Waar sla je het op? Op een papiertje dat thuis in de keukenla ligt, dacht de schrijver.

janvanmersbergen